Dit is het eerste deel van de Jetro Serie. Deze serie behandelt de vier
hoofdtaken die iedere voorganger van een gemeente heeft. Het zijn de
vier taken die Mozes’ schoonvader Jetro hem in Exodus 18 opdraagt als
Mozes en het volk beiden door de bomen het bos niet meer zien. Het is
dezelfde prioriteitenlijst die ook de apostelen in Handelingen 6 nog eens
kernachtig samenvatten als het gaat om duidelijkheid over hun takenpakket
in de eerste Christengemeente.
Als predikant en begeleider van pastors en studenten heb ik gemerkt
hoe gemakkelijk het is je prioriteiten uit het oog te verliezen door de
hoeveelheid werk en verantwoordelijkheden in de gemeente. Je doet
heel veel maar komt aan het eigenlijke waarom het in je roeping als
voorganger gaat nauwelijks meer toe.
Om voorgangers en andere leidinggevenden in de gemeente te helpen
hun kerntaken helder in het vizier te krijgen én te houden, heb ik de Jetro
Serie geschreven. Doel ervan is dat ieder die geroepen is de gemeente
van Christus te leiden geen schoenen slijt maar een spoor trekt.
De meest duidelijke Bijbelse richtlijn hiervoor is het advies van Jetro,
die Mozes de volgende vijf taken op het hart bindt: gebed, prediking,
onderwijs, pastoraat en gemeenteopbouw. Nu is bidden niet zo maar
een onderdeel van het werk van een voorganger. Bidden is een manier
van leven. Bidden is voor hem net zo vanzelfsprekend en onmisbaar
als ademhalen. Daarom is er in de Jetro Serie geen apart deel over het
gebed. In ieder deel komt het gebed nadrukkelijk aan bod als de bron
waaruit al het werk zijn kracht ontvangt. Dit eerste deel gaat over het
hart van het werk van een voorganger, namelijk de prediking.